botontkalking en sportbeoefening

Inleiding

Botontkalking (osteoporose) is het gevolg van een verstoorde balans tussen de activiteit van de cellen die bot aanmaken en bot afbreken. Zowel bij mannen als bij vrouwen neemt de botdichtheid boven het dertigste levensjaar af. Bij vrouwen neemt de botdichtheid sneller af als de menstruatie is gestopt. Dat is als regel het geval na de overgang (de menopauze). In die levensfase worden minder vrouwelijke geslachtshormonen (oestrogenen en progesteron) geproduceerd, waardoor botweefsel sneller wordt afgebroken. Wanneer de botdichtheid afneemt kunnen de botten uiteindelijk poreus en breekbaar worden. De kans op een botbreuk in een pols, wervel of heup neemt na het zestigste levensjaar sterk toe.

Botontkalking lijkt voor de meeste sporters iets van 'later'. Toch is het iets om ook al op jongere leeftijd bij stil te staan, want het is bewezen dat mensen die in hun jeugd een goede botdichtheid hebben hier op oudere leeftijd in het algemeen nog voordeel van hebben. Het is goed te weten dat met het nemen van algemene maatregelen het ontstaan van botontkalking tegengegaan kan worden.

Algemene maatregelen om botontkalking tegen te gaan

Hieronder staan de algemene maatregelen die genomen kunnen worden om botontkalking of de progressie daarvan tegen te gaan:

  • In de eerste plaats is het belangrijk dat in de voeding voldoende kalk en vitamine D aanwezig zijn. Botten bestaan namelijk voor een groot deel uit kalk (calcium) en dus is het belangrijk om voldoende kalk met de voeding naar binnen te krijgen. Calcium zit met name in zuivelproducten (melk, yoghurt en kaas), vis, groene groenten en noten. In het algemeen bevat de Nederlandse maaltijd voldoende calcium (->1000mg per dag). Bepaalde risicogroepen zoals mensen die geen zuivelproducten gebruiken, vegetariërs en mensen die langdurig laag in hun energie-intake zitten ('lijnen') zullen extra op de inname van calcium moeten letten. Overmatig gebruik van alcohol, zout, eiwitten en koffie (cafeïne) bevordert de botafbraak, evenals roken en het gebruik van sommige medicijnen (met name corticosteroïden)!
  • Daarnaast neemt lichamelijke activiteit een belangrijke plaats in bij het voorkomen van botontkalking. Drie keer per week 20 minuten wandelen of hardlopen kan al gunstig bijdragen aan een goede botdichtheid. Helaas kan een overvloed aan lichamelijke activiteit er juist toe bijdragen dat botontkalking eerder ontstaat.

Invloed van lichamelijke activiteit

De botmassa is sterk afhankelijk van de mate van lichamelijke activiteit. Bij jonge mensen wordt de botmassa onder invloed van een goede hoeveelheid lichamelijke activiteit hoger, terwijl de botmassa bij het ouder worden zo goed mogelijk in stand gehouden wordt. Met name bij de lichamelijke activiteit waarbij de zwaartekracht overwonnen moet worden, neemt de botmassa toe. Denk hierbij maar aan wandelen en lopen. Maar ook andere sporten zorgen ervoor dat de spieren op kracht of in conditie blijven. Sporten is daarom geschikt om botafbraak te voorkomen of tegen te gaan. Indirect heeft sportbeoefening nog het voordeel dat de spierkracht en de coördinatie beter blijven en de kans op vallen verminderd.

Het effect van sportbeoefening kent echter een optimum. Te intensieve sportbeoefening kan juist weer nadelige effecten hebben op de botmassa. Dit nadelige effect hangt samen met het onregelmatig worden of wegblijven van de menstruatie. Dat is vaak het geval bij intensief trainende (duur)sportsters. Bekend is dat dit bij ongeveer de helft van de intensief trainende marathonloopsters optreedt. Bij deze vrouwen is de productie van het hormoon oestrogeen (sterk) verlaagd en zal uiteindelijk de botmassa afnemen. Loopsters bij wie de menstruatie langer dan ½-1 jaar is weggebleven, hebben al een verhoogd risico op het ontstaan van een vermoeidheidsbreukje (stressfractuur).

Een vermoeidheidsbreukje is op te vatten als een overbelastingsblessure van het bot, waarbij de zwaarst belaste botten niet meer op tijd kunnen herstellen van een soort 'materiaalmoeheid'. Deze 'materiaalmoeheid' uit zich in eerste instantie door het ontstaan van een soort 'knikje' in de botschil, die kan overgaan in een barstje. Wordt er doorgetraind, dan kan dat barstje steeds groter worden en dieper gaan doorlopen in het merg. Het spreekt voor zich dat bij botten waarbij de botdichtheid is afgenomen er eerder vermoeidheidsbreukje zullen ontstaan. Dat zal ook het geval zijn als er (nagenoeg) dagelijks getraind wordt. Het is namelijk bekend dat (ook) bot ongeveer twee dagen nodig heeft om te herstellen van een zware belasting.

Vermoeidheidsbreukjes treden met name op in de voet en in het onderbeen. Bij een vermoeidheidsbreukje treden in het eerste stadium vaak wat zeurende pijnklachten op. Deze pijnklachten worden in eerste instantie vooral gevoeld tijdens de landing, maar kunnen in mindere mate ook gevoeld worden tijdens de afzet voor het lopen. Er is vaak een duidelijke lokale drukpijn, waarbij er ook een zwelling zichtbaar kan zijn. Er hoeft geen pijn in rust of bij 'gewoon' belasten in het dagelijks leven te zijn! Als er doorgetraind wordt, kan de pijn toenemen waarbij ook pijn optreedt bij wandelen of in rust. Soms breekt een vermoeidheidsbreukje door en is er sprake van een 'echte' botbreuk.

Bij het wegblijven van de menstruatie, speelt naast de hoge trainingsbelasting ook stress en een laag lichaamsvetpercentage een rol. Loopsters hebben vaak van zichzelf al een laag vetpercentage, wat onder invloed van de trainingsbelasting nog verder daalt. Zeker als er daarbij ook nog 'gelijnd' wordt om net zo mager te worden als de 'toppers', kan het vetpercentage onder een 'kritische grens' dalen, waardoor de menstruatie uitblijft. Die 'kritische grens' ligt voor de meeste vrouwen onder een vetpercentage van 12-18%. Het 'lijnen' heeft daarnaast nog het nadeel dat er weinig calorieën gegeten worden, waardoor de kans bestaat dat de maaltijden onvoldoende calcium bevatten.

Diagnostiek en behandeling

Of er sprake is van botontkalking kan vastgesteld worden met een botdicht-heidsmeetmethode (DEXA-meting). Bij deze meetmethode wordt de botdichtheid van de dijbeenhals (heup) en/of de wervels (lagerug) gemeten zonder dat er sprake is van noemenswaardige stralenbelasting.

  • Bij een lichte mate van botontkalking, zal de behandeling vaak bestaan uit het uitvoeren van bovenstaande maatregelen: gedoseerde lichamelijke activiteit, voeding met voldoende calcium en 'normalisering' van het vetpercentage. Daarnaast zal aan lange afstandloopsters het advies gegeven worden om 'de pil' te gaan slikken om in ieder geval te zorgen voor bepaalde minimale spiegels van vrouwelijke hormonen. Het is echter maar zeer de vraag of de botdichtheid onder dit beleid weer (wat) zal toenemen.
  • Bij een sterkere botontkalking, die met name voorkomt bij vrouwen 'in de menopauze', maar ook voor kan komen bij atletes die onder invloed van hun sportbeoefening al jaren niet meer menstrueren, kunnen andere therapieën overwogen worden. Zo kan overwogen worden om een sterkere hormoonbehandeling in te stellen. Hierbij zullen de voordelen van een hormoonbehandeling afgewogen moeten worden tegen de nadelen.
    Voordelen van zo'n hormoonbehandeling bij vrouwen in de overgang kunnen zijn:
    1. het verminderen van de symptomen van de overgang (zoals 'opvliegers', sterk wisselende stemmingen en plotseling sterk transpireren),
      het verlagen van het cholesterolgehalte en het verlagen van de kans op bepaalde vormen van kanker.
    2. Nadelen van zo'n hormoonbehandeling zijn er echter ook.
    3. Er moeten dagelijks medicijnen genomen worden, voor iets waarvan de vrouw / de loopster niet dagelijks last ervaart.
    4. Bij deze hormoonbehandeling kunnen pijnlijke borsten en ophoping van vocht ontstaan. Deze effecten zijn met name voor loopsters bezwaarlijk en kunnen voor hen reden zijn de therapie te staken.
    5. Veel vrouwen gaan maandelijks weer vloeien, wat niet altijd op prijs wordt gesteld.
    6. Samenvatting

      Botontkalking treedt op bij een verstoorde balans tussen botaanmaak en botafbraak. Bewezen is dat een goede botdichtheid op jeugdige leeftijd bijdraagt aan een goede botdichtheid op latere leeftijd. In bovenstaand artikel wordt beschreven welke maatregelen getroffen kunnen worden om de botdichtheid goed te onderhouden en wat de invloed van lichamelijke activiteit hierbij kan zijn.

Zoeken
Gebruikerslogin

Recente reacties
Wie is online
Er zijn momenteel 0 gebruikers en 1 gast online.